Artikelen

Afdrukken

Benedictus XVI. Homilie.Programma van de katholieke gezinnen van het derde millennium

op 11 juni 2012. Gepost in Pauselijke documenten

2012-06-03 Rome (ZENIT.org)

 

Benedictus XVI heeft de katholieke gezinnen van het derde millennium een programma gegeven dat met deze zin uit zijn homilie kan samengevat worden: “Wij zijn geroepen om de waarheden van het geloof eensgezind te aanvaarden en door te geven; om de liefde voor elkaar en voor iedereen te beleven, door vreugde en leed te delen, door vergeving te leren vragen en geven, door de verschillende charisma’s te valoriseren onder leiding van de herders. In één woord, ons is de taak toevertrouwd kerkgemeenschappen op te richten die steeds meer familie zouden zijn, bekwaam om de schoonheid van de Drie-eenheid te weerspiegelen en te evangeliseren – niet alleen met het woord maar ik zou zelfs zeggen, door “uitstraling”, door de kracht van de beleefde liefde”.

Dit is de tekst van de homilie die Benedictus XVI in Bresso gesproken heeft, ter gelegenheid van de 7e Wereldbijeenkomst van Gezinnen in Milaan, die deze zondagmorgen, 3 juni, een miljoen mensen verzameld heeft.

Eerbiedwaardige Broeders, Geachte Autoriteiten, Dierbare broeders en zusters,

Het is een sterk moment van vreugde en gemeenschap dat wij deze morgen dit Eucharistisch offer vieren; een grote samenkomst met de opvolger van Petrus en gelovigen uit vele landen. Het is een sprekend beeld van de Kerk, één en universeel, door Christus gesticht en vrucht van de zending die Jezus aan Zijn apostelen heeft toevertrouwd, zoals wij in het Evangelie hoorden: op weg gaan en alle volken tot Zijn leerlingen maken, door hen te dopen in de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest (cfr. Mt. 28,18-19). Mijn genegen en dankbare groeten gaan uit naar kardinaal Angelo Scola, aartsbisschop van Milaan en kardinaal Ennio Antonelli, voorzitter van de Pauselijke Raad voor het Gezin, de belangrijkste bewerkers van deze 7e Wereldbijeenkomst van Gezinnen, evenals hun medewerkers, de hulpbisschoppen van Milaan en de andere prelaten. Het is mij een genoegen alle aanwezige Autoriteiten te groeten. En vandaag gaat heel mijn genegenheid vooral uit naar u, dierbare gezinnen! Dank voor uw deelname!

In de tweede lezing bracht de apostel Paulus ons in herinnering dat wij in het doopsel de Heilige Geest hebben ontvangen, die ons als broeders met Christus verenigt en als kinderen in relatie brengt met de Vader, zodat wij “Abba, Vader!” (Rom. 8,15.17) kunnen uitroepen. Op dat ogenblik werd ons een kiem van nieuw, Goddelijk leven gegeven, om tot definitieve voltooiing te brengen in de hemelse glorie; wij werden lid van de Kerk, Gods familie, “sacrarium Trinitatis” – zoals de heilige Ambrosius haar noemt -, “het verenigde volk dat deel heeft aan de eenheid van Vader, Zoon en Heilige Geest” - – zoals het Tweede Vaticaans Concilie leert (Const. Lumen gentium, 4). Het liturgische hoogfeest van de Heilige Drie-eenheid dat wij vandaag vieren, nodigt ons uit dit mysterie te vieren, maar zet ons ook aan om de gemeenschap met God en onder elkaar te beleven naar het voorbeeld van de Trinitaire gemeenschap. Wij zijn geroepen om de waarheden van het geloof eensgezind te aanvaarden en door te geven; om de liefde voor elkaar en voor iedereen te beleven, door vreugde en leed te delen, door vergeving te leren vragen en geven, door de verschillende charisma’s te valoriseren onder leiding van de herders. In één woord, ons is de taak toevertrouwd kerkgemeenschappen op te richten die steeds meer familie zouden zijn, bekwaam om de schoonheid van de Drie-eenheid te weerspiegelen en te evangeliseren – niet alleen met het woord maar ik zou zelfs zeggen, door “uitstraling”, door de kracht van de beleefde liefde.

Niet alleen de Kerk is geroepen om beeld te zijn van de ene God in drie Personen, maar ook het gezin, gefundeerd op het huwelijk tussen man en vrouw. In het begin schiep God “de mens als zijn beeld; als het beeld van God schiep Hij hem; man en vrouw schiep Hij hen. God zegende hen, en God sprak tot hen: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk” (Gen. 1,27-28). God heeft de mens als man en vrouw geschapen, met dezelfde waardigheid, maar ook met eigen en aanvullende eigenschappen, opdat beide gave zouden zijn voor elkaar, elkaar tot hun recht laten komen en een gemeenschap vormen van liefde en leven. De liefde is wat de persoon tot authentiek beeld van God maakt. Dierbare echtgenoten, door het huwelijk geeft u elkaar niet iets of een activiteit, maar het hele leven. En uw liefde is eerst en vooral vruchtbaar voor uzelf, omdat u het goede voor de andere wenst en realiseert, en de vreugde ervaart te ontvangen en te geven. Uw liefde is ook vruchtbaar in een edelmoedige en verantwoordelijke voortplanting, in voorkomende toewijding aan de kinderen en een zorgzame en wijze opvoeding. Uw liefde is tenslotte ook vruchtbaar voor de samenleving, want uw gezinsleven is de eerste en onvervangbare school in sociale deugden zoals eerbied voor de persoon, belangloosheid, vertrouwen, verantwoordelijkheid, solidariteit, samenwerking. Dierbare echtgenoten, draag zorg voor uw kinderen; geef hun in een wereld die door de techniek beheerst wordt, op een serene en vertrouwen gevende manier, redenen om te leven, de kracht van het geloof, door hun verheven doeleinden voor te houden en hen te steunen als ze zwak zijn. Maar ook gij, kinderen, weet onophoudelijk een relatie van diepe genegenheid en voorkomende zorg te onderhouden met uw ouders en moge de relatie tussen broers en zusters ook de gelegenheid zijn om in liefde te groeien.

Gods plan met het mensenpaar vindt zijn volheid in Jezus Christus die het huwelijk tot sacrament verhief. Dierbare echtgenoten, Christus laat u door een bijzondere gave van de Heilige Geest aan Zijn bruidsliefde deelnemen, door u tot teken te maken van Zijn liefde voor de Kerk: een trouwe en totale liefde. Als u die gave weet te ontvangen door uw “ja” dagelijks en gelovig te vernieuwen door de kracht van de genade van het sacrament, zal uw gezin ook van Gods liefde leven, naar het voorbeeld van het Heilig Huisgezin van Nazareth. Dierbare gezinnen, vraag in het gebed dikwijls de hulp van de Maagd Maria en de heilige Jozef, opdat zij u leren Gods liefde te ontvangen zoals zij. Uw roeping is niet gemakkelijk, vooral vandaag niet, maar de roeping tot liefde is een heerlijke werkelijkheid, de enige kracht die de wereld echt kan veranderen. U heeft het getuigenis van vele gezinnen die u wegen wijzen om in liefde te groeien: een constante relatie onderhouden met God en deelnemen aan het Kerkelijk leven, de dialoog onderhouden, het standpunt van de andere respecteren, bereid zijn te dienen, geduldig zijn met de gebreken van de anderen, kunnen vergeven en vergiffenis vragen, intelligent en nederig eventuele conflicten overwinnen, overeenkomen in de opvoeding, open staan voor andere gezinnen, zorg voor armen, verantwoordelijk opnemen in de burgerlijke samenleving. Het zijn allemaal elementen die het gezin opbouwen. Neem ze moedig aan, zeker dat u een levend Evangelie wordt, een ware huiskerk in de mate dat u met Gods genade elkaar en iedereen bemint (cfr. Apost. Exhortatie Familiaris consortio, 49). Ik zou ook een woordje willen richten tot de gelovigen die de leer van de Kerk over het gezin volgen, doch getekend zijn door pijnlijke ervaringen van tegenslag en scheiding. Weet dat de Paus en de Kerk u in uw leed dragen. Ik moedig u aan met uw gemeenschap verenigd te blijven en wens dat de bisdommen initiatieven nemen voor een aangepast onthaal en nabijheid.

In het boek Genesis vertrouwt God Zijn schepping toe aan het koppel, om er zorg voor te dragen, te bewerken en beheren volgens Zijn plan (cfr. 1,27-28; 2,15). In deze aanwijzing kunnen wij de opdracht zien aan man en vrouw om samen met God de wereld te veranderen door arbeid, wetenschap en techniek. Man en vrouw zijn ook in dit waardevolle werk, beeld van God, dat zij met dezelfde liefde moeten verrichten als de Schepper. Wij zien dat in de moderne economische theorieën dikwijls een utilitaristisch concept overheerst van arbeid, productie en markt. Gods plan en de ervaring tonen echter dat niet de eenzijdige logica van het persoonlijk en het maximaal profijt bijdraagt tot een harmonieuze ontwikkeling, tot het welzijn van het gezin en de opbouw van een meer rechtvaardige samenleving, want deze logica brengt mateloze concurrentie mee, grote ongelijkheid, ontwaarding van het milieu, een wedren naar consumptiegoederen en geldgebrek in het gezin. Bovendien heeft de utilitaristische mentaliteit de neiging zich ook uit te breiden naar de relaties tussen personen en binnen het gezin door ze te herleiden tot een fragiele samenloop van individuele belangen en bedreigt ze de stevigheid van het sociale netwerk.

Een laatste element. De mens als beeld van God is ook geroepen tot rust en feest. Het scheppingsverhaal eindigt met deze woorden: “Op de zevende dag bracht God het werk dat Hij verricht had tot voltooiing. Hij rustte op de zevende dag van al het werk dat Hij verricht had. God zegende de zevende dag en maakte hem heilig” (Gen. 2,2-3). Voor ons, christenen, is de feestdag de zondag, de dag des Heren, het wekelijkse Pasen. Het is de dag van de Kerk, de bijeenkomst die de Heer samenroept rond de tafel van het Woord en het Eucharistisch Offer, zoals wij vandaag doen, om ons met Hem te voeden, in Zijn liefde binnen te gaan en van Zijn liefde te leven. Het is de dag van de mens en zijn waarden: gezelligheid, vriendschap, solidariteit, cultuur, contact met de natuur, spel, sport. Het is de dag van het gezin, waarop wij samen de zin beleven van feest, ontmoeting en delen, ook door deel te nemen aan de Mis. Dierbare gezinnen, verlies de zin van de dag des Heren niet, ook niet ondanks het strakke ritme van onze tijd! Hij is als de oase waar men kan stilhouden om de vreugde van de ontmoeting te smaken en onze dorst naar God te lessen.

Gezin, werk, feest: drie gaven van God, drie dimensies van ons bestaan die een harmonieus evenwicht moeten vinden. De werktijd en de vereisten van het gezin harmoniseren, beroep en moederschap, werk en feest: dat is belangrijk om een samenleving op te bouwen met een menselijk gelaat. Zo wordt de logica van het zijn bevoordeeld ten overstaan van de logica van het hebben: de eerste bouwt op, de tweede vernietigt uiteindelijk. Men moet zichzelf opvoeden om eerst in het gezin te geloven, in de ware liefde die van God komt en die ons met Hem verenigt, die “ons tot een ‘wij’ (maakt), dat al onze verdeeldheid overwint en ons één laat worden, zodat uiteindelijk “God alles in allen” is (1 Kor. 15,28)” (Deus caritas est, 18).

Vert. Sorores Chris

De Heilige Stoel

Bisdom Rotterdam

Broeders van Sint Jan